Moederdagconcert

Maurice Ravel: La Flute enchantée

uit ‘Shéhérazade’


De illustere Sheherazade uit Duizend-en-een-nacht wist de dood te ontlopen door nacht in, nacht uit verhalen te vertellen. Ze intrigeerde zo Perzische koningen en kunstenaars uit alle windstreken. Tristan Klingsor vernoemde een bundel vol gedichten naar de mysterieuze vertelster. Maurice Ravel koos er enkele uit en zette ze op muziek. Hij voert ons zo langs exotische klanken, oorden en liefdes.

(Bron: Opera Ballet Vlaanderen)


L'ombre est douce et mon maître dort

Coiffé d'un bonnet conique de soie

Et son long nez jaune en sa barbe blanche.


Mais moi, je suis éveillée encore

Et j'écoute au dehors

Une chanson de flûte où s'épanche

Tour à tour la tristesse ou la joie.


Un air tour à tour langoureux ou frivole

Que mon amoureux chéri joue,

Et quand je m'approche de la croisée

Il me semble que chaque note s'envole

De la flûte vers ma joue

Comme un mystérieux baiser.


(Tekst: Tristan Klingsor)

De schaduw is zacht en mijn meester slaapt

Met een zijden punthoed op het hoofd

En zijn lange gele neus in zijn witte baard.


Maar ik ben nog steeds wakker

En ik hoor buiten

Een fluitlied waarin om de beurt

verdriet of vreugde tentoongespreid wordt.


Een melodie, afwisselend smachtend of

Frivool, gespeeld door mijn lieve minnaar,

En als ik het kruispunt nader

Lijkt het mij dat elke noot wegvliegt

Van de fluit naar mijn wang

Als een mysterieuze kus.


(Eigen vertaling)

Cécile Chaminade: Sérénade aux étoiles


Cécile Chaminade was pianiste en componeerde al van jongs af aan. Ondanks het feit dat haar vader haar liever aan het fornuis zag, vervolgde ze toch haar muzikale droom. Ze werd hierbij aangemoedigd door haar mannelijke tijdgenoten Georges Bizet en Camille Saint-Saëns. Een andere beroemde componist Ambroise Thomas zou over haar gezegd hebben: "dit is geen vrouw die componeert, maar een componist die vrouw is". Elke en Margot brengen een nachtelijke serenade om bij weg te dromen. 


Nadia Boulanger: Soleils couchants


Nadia Boulanger is wellicht de beroemdste muziekpedagoge van deze eeuw. Met name onder Amerikaanse musici en componisten was ze razend populair. Werd haar naam aanvankelijk via mond-tot-mondreclame verspreid, na de Tweede Wereldoorlog vormde een bedevaart naar de Parijse 'Boulangerie’ een vast onderdeel van de opleiding van elke aankomende componist. De knorrige Stravinsky noemde haar ‘de vrouw die alles hoort’.

Bovendien stond ze als eerste vrouwelijke dirigent voor tal van beroemde orkesten: het Royal Philharmonic in Londen, het Boston Symphony Orchestra, het Philadelphia Orchestra en het New York Philharmonic.

Minder bekend is dat ze ook zelf componeerde; ze vond van zichzelf dat haar kunnen niets voorstelde in vergelijking met haar zusje Lili en stopte met componeren na diens vroegtijdige dood. Niettemin liet ze enkele prachtige composities achter.


Une aube affaiblie

Verse par les champs

La mélancolie

Des soleils couchants.


La mélancolie

Berce de doux chants

Mon coeur qui s'oublie

Aux soleils couchants.


Et d'étranges rêves,

Comme des soleils

Couchants sur les grèves,

Fantômes vermeils,


Défilent sans trêves,

Défilent, pareils

À des grands soleils

Couchants sur les grèves.


(Tekst: Paul Verlaine)


Een verzwakte dageraad

Verspreidt over de velden

De melancholie

Van de ondergaande zonnen.


De melancholie

Wiegt met lieve liedjes

Mijn hart dat zichzelf vergeet

Onder de ondergaande zonnen.


En vreemde dromen

Zoals ondergaande

Zonnen op de oevers,

Vuurrode geesten,


Paraderen meedogenloos,

Paraderen, zoals

Grote ondergaande

Zonnen op de oevers.


(Eigen vertaling)


Lori Laitman: Silver Swan


Dit oude gedicht werd voor het eerst op muziek gezet door Orlando Gibbons rond 1600. Sindsdien hebben nog een heel aantal componisten zich erdoor laten inspireren, onder wie ook de Amerikaanse liedcomponiste Lori Laitman. Het lied gaat over de legende die vertelt dat een zwaan zingt net voordat ze sterft.


The silver swan, who living had no note,

When death approached, unlocked her silent throat;

Leaning her breast against the reedy shore,

Thus sung her first and last, and sung no more:

“Farewell, all joys; Oh death, come close mine eyes;

More geese than swans now live, more fools than wise.”


(Orlando Gibbons)

De zilv’ren zwaan, bij leven zonder noot,

ontsluit haar stille keel bij ’t naderen van de dood.

Op de waterkant in ’t riet leunt haar gemoed,

zo zingt z’ haar eerste zwanenzang, tot in den doet:

“Vaarwel o vreugd, o dood kom sluit mijn ogen.

Met al die domme ganzen hier, ben ik ’t liefst gevlogen.”


(Vertaling: Bavo Hopman)

Maurice Ravel: L’indifférent

uit ‘Shéhérazade’

Tes yeux sont doux comme ceux d'une fille,

Jeune étranger,

Et la courbe fine

De ton beau visage de duvet ombragé

Est plus séduisante encore de ligne.


Ta lèvre chante sur le pas de ma porte

Une langue inconnue et charmante

Comme une musique fausse.


Entre! Et que mon vin te réconforte...

Mais non, tu passes

Et de mon seuil je te vois t'éloigner

Me faisant un dernier geste avec grâce

Et la hanche légèrement ployée

Par ta démarche féminine et lasse...


(Tekst: Tristan Klingsor)

Je ogen zijn zacht als die van een meisje,

Jonge vreemdeling,

En de fijne curve

Van je mooie donzen gezicht in de schaduw

Is nog aantrekkelijker in profiel.


Je lip zingt op de drempel van mijn deur

Een onbekende en charmante taal

Net als valse muziek.


Kom binnen! En moge mijn wijn je troosten...

Maar nee, je gaat voorbij

En vanaf mijn drempel zie ik je weggaan

Hoffelijk een laatste gebaar makend

En de heup licht gebogen

Door je vrouwelijke en vermoeide pas...


(Eigen vertaling)